Index

Het uitbreken van de oorlog, ik was nog geen 12 , kan ik me niet goed meer herinneren.
Wel weet ik, dat wij heel kwaad waren, als bevolking in zijn geheel omdat diegenen, die ons land bestuurden, cru gezegd, de benen namen. Ook vele joden lukte het om nog naar de overkant over te steken, deze waren rijk. De holocaust heeft ook overwegend de arme joodse bevolking getroffen, zo het gaat met alle landen, die in oorlog komen. Diegenen, die veel geld hebben voor vervoer e.d. overleven de oorlog meestal wel.
Bij mijn moeder werd door joodse kennissen veel kledingstukken in bewaring gegeven . Nimmer werden deze meer opge-eist. Mijn moeder is ze trouw blijven bewaren tot na de oorlog en ik weet, dat toen ze na jaren weer voor de dag kwamen, er stevig de mot in zat.
Nimmer heeft zij er over geprakkizeerd deze kleding mee te nemen op onze hongertochten.
Na 5 dagen meen ik, was alles bekeken. Wij hadden een armzalig pover zooitje soldaten *(erg veel verbeterd is dat nog niet eens), die aan dat toen al grote duitse leger geen weerstand konden bieden. Arme soldaten. Ečn oom van me , broer van mijn moeder was ook soldaat, dat uniform ken ik nog wel, omdat hij veel bij mijn moeder kwam om die kleding te laten wassen en dat leverde een hilarische anecdote nog op , omdat mijn goedlachse moeder na het wassen een roze kantje aan zijn hemd naaide en hij dus erg voor schut heeft gestaan . Hijgend van het lachen pakte ze dat voor hem in.
Daarna werd het straatbeeld beheerst door Duitse soldaten, alhoewel dit natuurlijk meer het geval was in het centrum, dan in amsterdam west, waar wij toen woonden.
In de Jan Evertsenstraat, een mooie brede winkelstraat kwamen ze nog wel eens. Ečn keertje herinner ik mij goed, want op de hoek van de Vespucciusstraat stond altijd een ijskar en een keer mocht ik met mijn broer daar een ijsje halen. Naast ons stond een zeer jonge duitse soldaat, die ons vroeg, of we van hem een ijsje moesten.
Zeer onschuldig, maar het was ,alsof de wereld instortte. Afgebeten zei ik 'nein'. Het duits werd er inmiddels ingestampt op de MULO. Alle duitse soldaten werden door ons, kinderen dan ook steevast altijd achterna geroepen::du bist verruckt, du bist verruckt, hetgeen ze gelaten ondergingen, terwijl wij schreeuwend hard wegliepen en de grootste lol hadden.
Toch realiseer ik me, dat het overgrote deel van deze soldaten gewoon voor hun nummer moesten op komen en dat dit deel dus niets kon doen aan de onbedwingbare veroveringslust van Hitler, hetgeen ook te merken was aan de lankmoedige houding van een groot deel van deze soldaten.
In de muur zat in de huizen een draaiknop, met 3 zenders, hilversum 1, 2 en 3 met leuke muziek altijd, maar op slag en stoot veranderde onze muziek in Duits gezang en liedjes. Het Lili Marleen was niet van de lucht.
Index